‘Ik hou mijn doelen voor mezelf’
05/11/25
Slechts drie Europeanen liepen ooit sneller de 1.500 meter toen ze even oud waren als Elliot Vermeulen. Met de carrière van het atletiekwonder uit Wezembeek-Oppem gaat het, welja, hard.
De recordraces van Elliot Vermeulen
Atletiekprestaties van junioren blijven over het algemeen wat onder de radar. Maar Elliot Vermeulen haalde afgelopen zomer toch een paar keer het nieuws. Begin dit jaar viel de hardloper al op met de op een na beste tijd ooit voor een junior op de 800 meter én een Belgisch juniorenrecord op de 1.500 meter. In de zomer voegde hij daar een bronzen medaille op het EK in het Finse Tampere aan toe. Tien dagen later verbeterde hij in Duitsland ook het zeven jaar oude Belgische juniorenrecord op de 800 meter. Ook zijn record op de 1.500 meter stelde hij toen nog een beetje scherper: 3’33”51 is de vijfde snelste tijd van een Belgische atleet ooit op die afstand. En als we alleen de junioren in rekening brengen, waren er in heel Europa maar drie lopers sneller op die leeftijd. Een indrukwekkend palmares om zelf even van buiten adem te geraken.
Elliot groeide tweetalig op in Brussel, ging in Brussel en Leuven naar school en woont ondertussen al een tijd in Wezembeek-Oppem. Hij gaat marketing studeren aan de UCL, waar hij kan genieten van een topsportstatuut, zodat hij tijdens zijn studies toch aan stages en internationale wedstrijden kan deelnemen. Tien jaar geleden sloot hij zich aan bij atletiekclub White Star Woluwe.
Elliot Vermeulen: ‘Je kan wel zeggen dat ik daar een ancien ben, ja.’ (lacht) ‘Ik heb altijd behoefte gehad aan sport, al van kinds af. Ik was vroeger op school nogal hyperactief, dus ik moest altijd kunnen bewegen. Ik ben begonnen met hardlopen toen ik ooit een cross won waar alle Nederlandstalige scholen van Brussel aan meededen. Toen ontdekte ik niet alleen dat ik talent had, maar ook dat ik het leuk vond. Samen met mijn papa heb ik dan de keuze gemaakt om me in te schrijven bij White Star. Zelfs zonder daar al veel te trainen, won ik wedstrijden. In het begin speelde ik ook nog voetbal, maar op mijn veertiende heb ik de knoop toch doorgehakt. Als loper heb je alles zelf in de hand. In het voetbal ben je ook afhankelijk van de andere spelers. Ik vond het moeilijk als de rest niet dezelfde motivatie had als ik.’
Aan motivatie ontbreekt het je duidelijk niet. Elke dag is het lopen geblazen. Hoe ziet zo’n trainingsweek eruit? ‘Dat verschilt naargelang de tijd van het jaar. Binnenkort begint het indoorseizoen, maar dat moet ik nog allemaal bespreken met mijn coach. Na dit seizoen ben ik eerstejaarsbelofte. Maar door school is het niet al atletiek wat de klok slaat in mijn leven. Ik train sowieso dagelijks. Niet altijd intensief, wel gevarieerd: duurlopen, krachttraining, intervaltraining … En ik train een beetje overal: in Woluwe, Leuven en Huizingen. Mijn personal coach, Tim Moriau, zit ook in de voetbalwereld. We werken al een paar jaar samen: hij stelt de trainingsschema’s op.’
Vroeg gaan slapen, op je eten letten: als topsporter hoort het er allemaal bij. ‘Je kan inderdaad niet alles hebben, je moet keuzes maken. Ik heb er bewust voor gekozen om hier helemaal voor te gaan. Als ik iets doe, wil ik het goed doen. Al kan ik af en toe wel eens naar de frituur hoor.’ (lacht) ‘Ook financieel is alles momenteel haalbaar. Ik word gesponsord en bij kampioenschappen is er ook steun van de federatie. Zo worden de kosten gedekt.’
Je verzamelt record na record. Heb je daar zelf een verklaring voor? ‘Dat is een goede vraag. Ik denk dat het gewoon het resultaat is van consistentie en hard werken. Ik heb gepiekt naar het EK, maar wel met de bedoeling om daarna ook te blijven presteren. Brons op de 1.500 meter was zeker niet verkeerd voor mijn allereerste internationale kampioenschap, maar ik had eigenlijk op beter gehoopt.’
Heb je nooit last van stress? ‘Ik heb wel stress voor een belangrijke wedstrijd, maar ook dat valt best mee. Ik doe dit gewoon zo graag dat ik er niet zo veel last van heb. Het Belgische record in Trier kwam er na een heel goede wedstrijd met sterke tegenstanders. Ik kon lang volgen in achtste positie en uiteindelijk kon ik nog drie atleten inhalen, waardoor ik als vijfde eindigde. Dat was een goede prestatie in een snelle race. Inderdaad de vijfde beste Belgische prestatie aller tijden, voor alle leeftijden. En de vierde beste prestatie aller tijden in Europa voor min-twintigers.’
Doen zulke prestaties dromen? ‘Ik droom altijd wel. Ik ben absoluut ambitieus. Maar ik hou mijn doelen liever voor mezelf.’ (lacht)
tekst: Michaël Bellon
beeld: © Tine De Wilde
artikel uit uitgekamd november 2025