Gemeenschapskrant

‘Als kind zat ik vaak te dromen in de klas’

06/02/26

Jan Struelens is kunstenaar in hart en nieren. Met zijn unieke blik op de wereld legt hij verrassende verbanden en komt hij tot originele creaties. Hij schrijft, tekent, fotografeert … En wat hij ook maakt, authenticiteit staat altijd centraal.

uitgekamd 02/2026

Kunstenaar Jan Struelens

Tussen de boeken

We ontmoeten Jan in het ouderlijke huis, waar hij samen met zijn vrouw Françoise en zus Chris onlangs alle typoscripten van hun vader, René
Struelens, bijeenbracht om ze te laten opnemen in het archief van het Letterenhuis. ‘Het was een enorme klus,’ vertelt Jan, ‘want onze vader was een bijzonder productieve schrijver. Hij beheerste elk genre: jeugdboeken, toneelstukken, hoorspelen, documentaires en talloze bijdragen aan kranten en tijdschriften. Zijn werk werd vaak bekroond. Ik herinner me nog levendig de dag dat hij de staatsprijs voor jeugdliteratuur ontving en de fanfare hier aan de deur stond om hem feestelijk naar de viering te begeleiden.’

‘Mijn zus en ik groeiden letterlijk op tussen de boeken. Tijdens onze schooltijd hielpen we mijn oom in de bibliotheek van Wezembeek-Oppem. Hij zorgde voor een ruim aanbod: niet alleen Nederlandstalige boeken, maar ook Franse, Engelse en Duitse. Elke zondagvoormiddag kwam de nationale discotheek langs in de bib. Ik ontleende er vooral klassieke platen, die de basis legden voor mijn grote liefde voor muziek. Voor ons werk kregen we geen geld, maar boeken. Op mijn zestiende had ik daardoor al een eigen bibliotheek opgebouwd.’

Natuur als inspiratiebron

‘De natuur is voor mij altijd een bron van inspiratie geweest’, vertelt Jan. ‘Als kind zat ik vaak te dagdromen in de klas. Gelukkig hadden we een bijzondere meester die toeliet dat ik een grote bokaal vol bladeren en rupsen van de ligusterpijlstaart of de koninginnenpage op mijn bureau zette. Daar zat ik dan de hele tijd naar te kijken. Buiten de klas trok ik er vaak op uit met de fiets, door de toen nog groene omgeving, op zoek naar planten voor mijn herbarium. Niet omdat ik wetenschappelijke verklaringen zocht, maar omdat ik gefascineerd was door de geometrie in de natuur. Vanuit die fascinatie begon ik met plastische kunst: tekeningen, objecten …’

Een van die objecten is zijn tijdsdodecaëder. ‘De basis is een regelmatig veelvlak met twaalf vijfhoekige vlakken. Voor Plato symboliseerde dit twaalfvlak het universum. Een andere toepassing is de Romeinse dodecaëder, een raadselachtig voorwerp waarvan de functie nog steeds onbekend is. Ik verving de vlakken door trechters en zette er telkens precies zestig streepjes in. Zo staat één vlak voor een uur en het geheel voor twaalf uur: een soort uurwerk. Een horlogemaker wilde het zelfs ooit laten draaien met magneten. Nuttig is het object niet, maar dat hoeft kunst ook niet te zijn. Op dat moment dacht ik iets totaal unieks gemaakt te hebben … tot ik de zaadcapsule van de scabiosa stellata (duifkruid, red.) zag. Die bestaat ook uit trechters die samen een bol vormen’, lacht Jan.

Ook in Jans tekeningen en foto’s spelen vorm en perspectief een hoofdrol. Hij creëert figuren die vervormd lijken, maar die vanuit een bepaald gezichtspunt of met behulp van een spiegel plots een herkenbaar beeld onthullen. Er zijn ook tal van spontane miniatuurtjes, zoals zijn collectie Kleine dieren. ‘Daarmee zou ik wel eens een paar lege kamers willen behangen, plafond inbegrepen’, zegt Jan.

Waanzinnig belezen

Naast zijn beeldend werk is Jan, van opleiding germanist, ook een gepassioneerd lezer én schrijver. ‘Mijn thesis ging destijds over het werk van Harry Mulisch’, vertelt hij. ‘Dertig jaar later schreef ik een boek over zijn hele oeuvre en over de vele en merkwaardige overeenkomsten tussen De ontdekking van de hemel en The Da Vinci Code. Was dat het antikerkelijke poppenspel dat Mulisch had aangekondigd in zijn debuutroman uit 1952?’

In de eindjaren van de vorige eeuw werkte Jan aan wat hij zelf zijn ‘spinnenboek’ noemt. ‘Een soort oerboek waaruit dan weer andere boeken voortkwamen, omdat het ene verhaal over archetypes telkens weer leidt naar een ander. Mijn vrouw moedigt me aan om delen ervan uit te lichten en afzonderlijk te publiceren. Toch wil ik ook het geheel met voldoende afstand herlezen. Alleen ... de tijd haalt me stilaan in.’ Het typeert zijn kunstenaarsziel: een werk dat tegelijk rijk, complex en deels ongrijpbaar blijft. Zelfs voor hemzelf

tekst: Karla Stoefs
foto: © Tine De Wilde
artikel uit uitgekamd februari '26

Meer nieuws

  • uitgekamd 03/2026

    ‘Met lekker eten spreek je een universele taal’

    10/03/26

    ‘De tijd de tijd geven.’ Voor Philippe Schoysman uit Wezembeek-Oppem is het meer dan een levenshouding. Hij maakt er ook heerlijk zuurdesembrood mee. Want de lekkerste dingen ontstaan als je de tijd geduldig zijn werk laat doen.

  • uitgekamd 03/2026

    ‘Het blijft boeiend om jonge ouders te ontmoeten’

    10/03/26

    Chantal Zintz Nuytemans is actief als vrijwilliger bij Wiegwijs. In dat kader houdt zij, samen met 8 andere vrijwilligsters, het consultatiebureau van Opgroeien (beter bekend als Kind en Gezin) op de Vosberg draaiend. Het doel van deze raadpleging is ouders te ondersteunen tijdens de 1.000 eerste levensdagen van hun kindje. Het consultatiebureau werd opgericht door de KAV in 1956 en in 1958 overgenomen door Kind en Gezin. Een mooi initiatief

  • uigekamd 03/2026

    ‘148 landen later blijft de honger naar de wereld’

    10/03/26

    ‘De wereld is een boek en wie niet reist, leest maar één bladzijde.’ Het is het levensmotto van Etienne De Nil (78), een geboren wereldreiziger. We ontmoeten hem in zijn thuisbasis Wezembeek-Oppem, net terug van een reis naar Sri Lanka, dat onlangs werd getroffen door cycloon Ditwah. Etiennes reiskoffers staan standby in de woonkamer voor zijn volgende reis, want ondanks de lange lijst landen die hij bezocht, zo’n 148, zijn er nog plekken waar hij naartoe wil.