Gemeenschapscentra Gemeenschapskrant vzw 'de Rand'

Jori Hernalsteen combineert docu’s en design

11/09/25

Jori Hernalsteen ging in Wezembeek-Oppem naar school en bouwde via Brussel en Amsterdam een carrière op als klankman. Zo liep hij recent tien jaar lang in het spoor van Paul Jambers en Bart De Wever voor de documentaire ‘BDW. Politiek Beest’. In het Gentse ontwerpt Jori ondertussen ook meubels, samen met zijn vrouw.

uitgekamd 09/2025 p8-9
© Tine De Wilde

‘De ouders van mijn moeder zijn van Wezembeek en de ouders van mijn vader zijn van Oppem’, zo schetst Jori Hernalsteen de geografische fusie in zijn familie. ‘Mijn ouders wonen nu in Sterrebeek, waar ik ook ben opgegroeid. Maar ik ben nog naar de kleuterklas gegaan aan de Vosberg, naar het Heilig Hartcollege op de grens met Tervuren en naar de muziekschool. Daar deed ik slagwerk. Het drumstel stond toen in het repetitiekot van de harmonie van Sint-Cecilia waar ik ook nog even bij gespeeld heb.’

Op welke manier heb je het nest dan verlaten? ‘Ik heb even in Schaarbeek gewoond toen ik op Sint-Lukas naar de middelbare school ging. Na een jaar filosofie aan de VUB ben ik dan muziekproductie gaan studeren aan het SAE-instituut in Amsterdam. Omdat veel van mijn vrienden audiovisuele vorming (AVV) volgden op Sint-Lukas, deed ik de klank voor hun kortfilms. Dat was mijn opstap om voor film en televisie te gaan werken, wat ik nu al 14 jaar doe. Zes jaar geleden ben ik voor de liefde verhuisd naar Gent. Ondertussen wonen we al twee jaar in deelgemeente Afsnee, op tien minuten van het centrum.’

Je keuze voor klank klinkt niet als toeval, gezien je tijd bij de muziekschool. ‘Dat heeft er altijd in gezeten, ja. Mijn ouders zaten ook in de harmonie. Muziek is altijd een belangrijke factor geweest en geluid ligt in het verlengde. Je hebt ook geluidsingenieurs, maar die zitten eerder in de studio en dat doe ik persoonlijk minder graag. Ik heb ooit ook trailers en series van Pixar en Dreamworks gedubd, maar ik kom liever buiten op onverwachte plekken dan in de studio aan de lopende band stemmetjes op te nemen.’

Je focus ligt nu op docu’s? ‘Ik doe nu inderdaad alleen nog maar non-fictie. Vroeger vooral – nu nog af en toe – nieuws en journaal. Ik heb ook nog een tijd festivals gedaan en veel realityprogramma’s. Maar ik ben op een leeftijd gekomen dat ik dat tempo al wat moeilijker kan verteren.’ (lacht)

Klankmannen komen zelden in beeld. Zijn er eigenlijk veel in Vlaanderen? ‘Best wel, maar we kennen elkaar allemaal wel een beetje. Er bestaat trouwens een ‘Klankforum’, waar de meeste klankmannen in België bij aangesloten zijn. Een aantal collega’s onderhandelen bijvoorbeeld de tarieven met de VRT, die dan worden doorgetrokken in de hele sector. Zo hoeft niemand onder de prijs te werken en weet je voor een bepaalde periode waar je aan toe bent.’

Over een paar jaar gesproken: je werkte tien jaar lang mee aan de Jambers-documentaire BDW. Politiek Beest. ‘En dat was tien jaar lang stevig doorgaan. Jambers is een oude rot, dus dat is nog tv maken op de oude manier. Dat betekent: niet stoppen met filmen, waardoor je heel veel materiaal hebt en in de montage in alle vrijheid je verhaal kan opbouwen. Ook iets kleins dat gezegd wordt, kan zo onvoorzien tot een verhaal leiden. Zeker bij De Wever. Natuurlijk is dat wel een werkwijze met pittige werkdagen, die tijdens de verkiezingen extra lang kunnen duren. Zware dagen, maar mét resultaat. Wij volgden De Wever zó lang dat we op den duur een beetje kind aan huis werden en veel meer kansen kregen dan de andere pers. We mochten gewoon binnen en buiten lopen, bij wijze van spreken.’

Wat is de minimale bezetting voor zo’n docu? ‘Meestal waren we met vier: cameraman Enno, de zoon van Paul, regisseur Mathieu Mortelmans, Paul zelf en ik. Als we snel moesten handelen en volgen was er ook een chauffeur. Niet dat we soms uit bed gebeld werden, maar we stonden wel de hele draaiperiode stand-by om op te draven als er iets gebeurde.’

Een klankman zorgt dat alles goed op tape staat, maar is misschien ook nog met andere dingen bezig: omgevingsgeluid, sfeer … ‘Wat dat betreft is het een geluk dat ik muziekproductie heb gestudeerd. Akoestiek is belangrijk. Het moet goed klinken. Daar ben ik altijd mee bezig. Na een tijd weet je ook wel dat je even moet stoppen als er een vliegtuig, een tram of een sirene passeert. Na de opname is het dan aan de regisseur in de montagekamer. Dan geef ik het uit handen.’

Hou je nog tijd over voor de onderneming met je vrouw: Maria Scarpulla Design? ‘Inderdaad, tussen mijn klankjobs door zit ik ook graag met mijn vrouw in het atelier om samen te ontwerpen. We ontwerpen, produceren en verkopen in eigen beheer designtafels in staal en hout voor winkels en particulieren. Daarnaast doen we ook industrieel design. Zo hebben we een collectie bij Valerie Objects, een dochterbedrijf van Serax dat nauw samenwerkt met designers.’

Hoe beland je van docu’s bij design? ‘Ik deed sowieso al wat opvolgingswerk voor Maria, maar toen door corona veel van mijn werk wegviel, hebben we samen die collectie voor Valerie Objects ontworpen. Sindsdien doen we alles samen: schetsen, ontwerpen, prototypes maken. Er gaat geen mail buiten of we hebben die samen gelezen. Eén derde van het huis dat we gebouwd hebben, is atelier, dus alles loopt wat door elkaar. Het voelt niet aan als werk. Als we iets ontwerpen, dan komt het ook bij ons in de living te staan of bij de kinderen in de kamer. Ook die vinden dat interessant en pikken van alles op. Zoals ik in Wezembeek destijds, toen ik rondliep in het atelier van mijn grootvader ‘Jef’ Van Campenhout, die smid was en tractors verkocht.’

tekst: Michaël Bellon
foto: ©Tine De Wilde
uit: uitgekamd 09/2025

Meer nieuws

  • uitgekamd 03/2026

    ‘Met lekker eten spreek je een universele taal’

    10/03/26

    ‘De tijd de tijd geven.’ Voor Philippe Schoysman uit Wezembeek-Oppem is het meer dan een levenshouding. Hij maakt er ook heerlijk zuurdesembrood mee. Want de lekkerste dingen ontstaan als je de tijd geduldig zijn werk laat doen.

  • uitgekamd 03/2026

    ‘Het blijft boeiend om jonge ouders te ontmoeten’

    10/03/26

    Chantal Zintz Nuytemans is actief als vrijwilliger bij Wiegwijs. In dat kader houdt zij, samen met 8 andere vrijwilligsters, het consultatiebureau van Opgroeien (beter bekend als Kind en Gezin) op de Vosberg draaiend. Het doel van deze raadpleging is ouders te ondersteunen tijdens de 1.000 eerste levensdagen van hun kindje. Het consultatiebureau werd opgericht door de KAV in 1956 en in 1958 overgenomen door Kind en Gezin. Een mooi initiatief

  • uigekamd 03/2026

    ‘148 landen later blijft de honger naar de wereld’

    10/03/26

    ‘De wereld is een boek en wie niet reist, leest maar één bladzijde.’ Het is het levensmotto van Etienne De Nil (78), een geboren wereldreiziger. We ontmoeten hem in zijn thuisbasis Wezembeek-Oppem, net terug van een reis naar Sri Lanka, dat onlangs werd getroffen door cycloon Ditwah. Etiennes reiskoffers staan standby in de woonkamer voor zijn volgende reis, want ondanks de lange lijst landen die hij bezocht, zo’n 148, zijn er nog plekken waar hij naartoe wil.