Nederlands leren met Cuisine Mundial
Cuisine Mundial is een unieke combinatie van culinaire vaardigheden ontwikkelen en de Nederlandse taal oefenen. In onze workshop worden recepten uit verschillende landen gedeeld en de sociale interactie tussen Nederlandstaligen en mensen die hun Nederlands willen verbeteren gestimuleerd. Het kookboek en de spelletjes zorgen ervoor dat het Nederlands in deze specifieke kook-context op een ludieke manier wordt geoefend.
Kookboek - 10 jaar Cuisine Mundial
Voor de 5e verjaardag van Cuisine Mundial verscheen een kookboek in eenvoudig Nederlands. Voor de 10e editie in 2024 kwam er een nieuwe editie met 77 recepten, uit meer dan 30 landen.
De taal van de recepten is simpel, met foto's van alle ingrediënten en benodigdheden en een extra woordenlijst. Het is dan ook ideaal om Nederlands te oefenen in het alledaagse leven.
Het kookboek is een samenwerking tussen GC de Kam en de Gezinsbond, met steun van de provincie Vlaams-Brabant en vzw 'de Rand'. Je kan het kookboek gratis afhalen in GC de Kam of in 1 van de gemeenschapscentra van vzw ‘de Rand’ (1 per gezin) of digitaal raadplegen.
Memoryspel
Samen memory spelen is leuk. Je kan er Nederlands mee oefenen met vrienden of met je kinderen. Probeer zo veel mogelijk duo’s (= kaartjes met dezelfde foto) om te draaien. Per juist duo heb je 1 punt. Wie de meeste duo’s heeft, is de winnaar. Het Cuisine Mundial memoryspel is gratis te verkrijgen in GC de Kam.
Voorbereiding
- Print de memorykaartjes en plastificeer ze.
- Leg de kaartjes in het midden van de tafel met de tekening naar beneden.
Spelregels
- Kies wie mag starten. De jongste speler? De oudste? De persoon die het vroegst in het jaar verjaart? ...
- De 1e speler draait een kaartje om en zegt correct wat op het kaartje staat.
- Daarna draait deze speler een 2e kaartje om. De speler zegt correct wat op het kaartje staat.
- Zijn het 2 identieke kaartjes en is het juiste woord geraden? Dan mag de speler de 2 kaartjes houden. De speler krijgt ook 1 punt.
- Deze speler mag nog een keer spelen. De speler stopt als die 2 kaartjes neemt die niet identiek zijn of als hij het woord fout raadt.
- Zijn de kaartjes niet identiek of kent hij het juiste woord niet? Dan draait de speler de kaartjes terug om, met de tekening naar beneden. De kaartjes blijven op dezelfde plaats liggen.
- De volgende speler is aan de beurt.
- Zijn alle kaartjes omgedraaid en alle duo’s geraden? Dan is het spel gedaan.
- Tel uit hoeveel punten elke speler heeft en zeg wie de winnaar is.
Dobbelspel
Dit dobbelspel is heel eenvoudig. Het doel is om alle afbeeldingen te benoemen. Wil je het graag wat spannender maken, gebruik dan een timer en tracht het woord te vinden binnen de 10 seconden. Speel het met paar aantal spelers: minimum 2 en maximum 6 spelers. Je kan het ook alleen spelen om te oefenen op je eigen ritme.
Voorbereiding
- Print de legkaart van het dobbelspel en plastificeer het.
- Leg de kaart in het midden van de tafel.
- Neem 1 dobbelsteen
- Verdeel 18 muntstukken onder het aantal deelnemers
Spelregels
- Bepaal wie begint.
- De 1e speler gooit met de dobbelsteen. De speler zegt hoeveel die gegooid heeft en zoekt op de legkaart de rij met dat aantal.
- De speler geeft de naam van 1 van de 3 ingrediënten of benodigdheden uit de rij met dat aantal.
- Als het antwoord juist is legt de speler een muntstuk van zijn stapel op het materiaal of ingrediënt dat benoemd is.
- Nu is de volgende speler aan de beurt.
- De winnaar is degene die als eerste al zijn muntstukken heeft kunnen leggen.
Gesprekskaarten
Het doel van dit spel is duidelijk: spreken. Er is geen strategie voor nodig, alleen Nederlandse woordenschat en spreekvaardigheden. Er zijn minimum 2 deelnemers vereist.
Voorbereiding
- Print de 30 kaarten en plastificeer ze.
- Leg de kaarten in het midden van de tafel met de vraag naar beneden.
Spelregels
- Bepaal wie begint.
- Bespreek voor dat het spel begint of de vragen die op de kaarten staan getoond worden of niet.
- De 1e speler neemt een kaart en stelt de vraag aan zijn linkerbuur. De linkerbuur antwoordt met (een) volzin(nen).
- Ga zo door tot bij de 1e speler. Hij neemt weer een kaart en stelt de vraag aan zijn rechterbuur enz.
- Het spel is uit wanneer alle vragen gesteld zijn.