submenu

Gilda Lancellotti maakt mondmaskers voor inwoners van Wezembeek-Oppem - 21/05/2021

‘Zodra alles terug normaal is, zullen we dat vieren’

Vrijwilliger Gilda Lancellotti steekt tijdens de coronacrisis meer dan een tandje bij. In normale tijden biedt ze hulp aan ouderen die alleen komen te staan of van wie familie te ver woont om hulp in huis te bieden of boodschappen te doen. Maar toen de nood aan mondmaskers piekte, kwam haar opleiding als naaister-styliste als geroepen. Samen met OCMW-medewerkers en tal van vrijwilligers startte ze een naaiatelier.  

Tweevoudig opzet  

‘In februari van vorig jaar, toen het coronavirus in België officieel uitbrak, ben ik gestart met het maken van mondmaskers voor familie en kennissen. Zonder richtlijnen of model, maar uit de reflex dat zo’n masker betekenisvol kon zijn om het virus niet aan elkaar door te geven. De maand daarop werd ik gecontacteerd door Nicole Geerseau (de voorzitter van de OCMW-raad van Wezembeek-Oppem) met de vraag of we niet samen iets konden organiseren om aan de grote vraag naar maskers tegemoet te komen. De gemeente had maskers besteld, maar de levering ervan liep zoals in heel het land vertraging op. De vraag van Nicole was tweevoudig: enerzijds ging het om snel veel maskers te hebben, anderzijds om het personeel van het OCMW dat technisch werkloos dreigde te worden door de toestand, aan boord te houden. Bij dat laatste ging het vooral om de groep medewerkers die familiale en ouderenhulp boden en niet meer bij de mensen thuis mochten gaan.’ 

Fenomenale solidariteit  

‘Samen met Marie-Françoise Wauty als derde steunpilaar, hebben we in een van de OCMW-lokalen een coronaveilig naaiatelier opgezet. Via sociale media lanceerden we een oproep voor hulp, voor stof en elastiek … De reactie daarop overtrof alle verwachtingen: de solidariteit, de generositeit was fenomenaal. Heel wat mensen zijn van nature hulpvaardig, alleen weten ze soms niet hoe ze hulp kunnen bieden. Dankzij al die hulp werd het project een succes.’ 

Eerst rechte lijnen  

‘Iedere ochtend om 8.30 uur ging het atelier van start. Natuurlijk kon niet iedereen van dag één een naaimachine bedienen. We zijn met naailessen begonnen zoals op school: eerst rechte lijnen stikken en als dat lukte, kregen ze een moeilijkere opdracht. Voor de maskers kozen we één model dat zowel voor vrouwen als voor mannen kon dienen. Er zijn vrijwilligers die echt hun naaitalent ontdekt hebben. Niet iedereen moest naaien, er moest ook stof en elastiek geknipt worden. Dat was het voorbereidende werk, zodat we de dag daarop ononderbroken konden stikken. Het verliep zoals een productielijn in een fabriek. Maar we zorgden er wel voor dat het werk voor niemand te eentonig werd. Nieuwe stof konden we zo gebruiken, oude stof werd eerst gewassen en gedesinfecteerd met een speciale machine. Ook mijn echtgenoot hielp. Hij herstelde de naaimachines die de geest gaven.’ 

‘In het naaiatelier hebben we samen met anderen een akelige periode overbrugd op een zinvolle manier’ 

250 maskers per dag  

‘Bijkomend maar niet onbelangrijk: we zouden de maskers gratis verdelen. Dat wil niet zeggen dat we losjes over het resultaat gingen. Iedere dag controleerde ik alle afgewerkte maskers. Alleen de perfecte haalden de eindstreep. Ook het verpakken was een heel proces: eerst werden ze per 10 geperst op 100 graden en nadien per 50 verpakt. We maakten tussen de 200 en 250 maskers per dag. We zijn in totaal drie, vier maanden bezig geweest. Een deel van de maskers werd verspreid via het OCMW, de apothekers en de scholen. De rest was reservestock. Er is nadien inderdaad een hele polemiek ontstaan over het al dan niet gebruiken van stoffen maskers, maar dat ze veel extra besmettingen voorkomen hebben, zoveel is zeker.’ 

‘We vonden het allemaal jammer dat er een einde aan kwam’, besluit Gilda. ‘Het was een waardevol project, zowel voor de inwoners van Wezembeek-Oppem als voor de medewerkers. Want – wat ik me pas nadien realiseerde – in het naaiatelier hebben we samen met anderen een akelige periode overbrugd op een zinvolle manier. Anders hadden we misschien net als zovelen met de nodige angst en wantrouwen thuisgezeten. Zodra alles terug normaal is, zullen we dat vieren. Mooi is ook dat er al nieuwe plannen worden gesmeed. We zijn van plan om in de toekomst met een naaiatelier van start te gaan. Dat atelier zullen we opnieuw met zijn drieën leiden: Marie-Françoise, Nicole en ik. Het zal in de namiddag plaatsvinden in het OCMW-lokaal. Iedereen die wil leren naaien, is welkom. Zodra het zover is, maken we de effectieve start bekend.’ En wat doet Gilda Lancellotti momenteel? Jawel, ze brengt oudere, zieke mensen naar de vaccinatiecentra. Goedheid stopt nooit.  

Tekst: Karla Stoefs 
Foto: © Tine De Wilde 
Uit: uitgekamd mei 2021