submenu

Inzet voor de medemens - 16/12/2019

Tussen Polen, Tsjaad en België Jean Oulatar en Anna Dubieszko

‘Monsieur Jean’, zo is Jean Oulatar Mbaitoudji gekend in Wezembeek-Oppem, waar hij samen met zijn vrouw, Anna Dubieszko, sinds 1991 woont. Als ik hem vraag om een interview te geven voor uitgekamd, zegt hij: ‘We kunnen het gesprek aan tafel voeren, ik zal Afrikaans koken.’

Dat antwoord typeert hem volledig: een warme, hartelijke man die de Afrikaanse gastvrijheid alle eer aandoet.

Officierskruis

Omdat Anna getroffen werd door een beroerte en sindsdien moeilijk spreekt, voert Jean het gesprek. Het eerste wat hij me toont is een brief van het koningshuis met de felicitaties voor hun gouden bruiloft. Intussen vierden hij en Anna op 1 oktober 2018 ook hun diamanten bruiloft. ‘We hebben indertijd de afspraak gemaakt dat we alleen zouden trouwen als onze beide ouders met het huwelijk instemden. Anna is van Poolse oorsprong en ikzelf ben afkomstig uit Tsjaad. Geen doorsnee combinatie, maar het is ons mooi gelukt. We hebben twee kinderen: Tania en Stefan.’ De guitige kleuter, die terwijl we praten gul aperitiefnootjes uitdeelt, is hun kleinzoon Thomas. Jean vertelt met lof over de internationale carrière van zijn vrouw. ‘Enerzijds heeft zij zich ingezet voor de strijd tegen de apartheid in Zuid-Afrika. Ze coördineerde er allerhande campagnes. Nelson Mandela – van wie er in het salon een groot portret hangt – was haar inspiratiebron. Anderzijds ijverde ze voor het werk van vakbonden, zoals van Solidarność. Op  19 december 2007 ontving ze voor haar inzet het Officierskruis van de Orde van Verdienste van de Poolse ex-president Lech Kaczynski.’

Jean was onder meer codirecteur bij LO-TCO Zweden. Deze Zweedse vakbonden ondersteunen wereldwijd  de oprichting en de versterking van vakbonden. Ze ijveren bijvoorbeeld  voor mensenrechten op het werk, voor waardig werk, democratie, gelijkheid, een eerlijke verdeling van middelen, vermindering van armoede en duurzame ontwikkeling. Ze verlenen methodologische expertise, financiële opvolging, diensten en hulpmiddelen.

‘Tijdens mijn loopbaan reisde ik naar tal van Afrikaanse landen om educatieprogramma’s van LO-TCO te begeleiden. Je moet de cultuur van een land kennen wil je er zo weinig mogelijk fouten maken. Als je bijvoorbeeld in Afrika ergens uitgenodigd wordt, geldt de regel dat je de eerste drie dagen te gast bent, maar de vierde dag moet je meewerken. Dat  is een vorm van solidariteit. Als je de regels van binnenuit kent, kan je de  mensen in hun eigen beeldtaal duidelijk maken waar het om gaat.’

Krachten bundelen

‘Het voordeel van voor een internationale onderneming te werken, is dat krachten gebundeld worden. De financiële inzet is groter. Vanaf 1972 steeg het aantal vakbonden voor zwarte werknemers explosief. Vooral in sectoren als mijnbouw, havens of de post. Vandaag is de LO-TCO- organisatie nog actief in 19 Afrikaanse landen, op het hoogtepunt waren dat er 26. Soms vallen landen af omwille van oorlog of omdat ze de voorwaarden  niet naleven. Ik zie educatie eerder als ‘opvoeden’. Werknemers moet je wijzen op hun verantwoordelijkheid. Dat kunnen kleine dingen zijn, zoals op tijd op het werk komen. Als ze de organisatie waarvoor ze werken respecteren, zal  dat in hun voordeel spelen. Veel van de leerlingen die ons programma volgden, bekleedden later leidinggevende functies. Dat is toch een mooie verwezenlijking.’

Brood, vrijheid, vrede

‘Waarop een vakbond inzet, is afhankelijk van de nood. De strijd die we voeren duurt voort. Eerst keerden we ons tegen het kolonialisme, daarna tegen de discriminatie en vandaag tegen corruptie. Maar de drie bouwstenen waarop alles steunt zijn telkens dezelfde: brood, vrede en vrijheid. Zonder brood sterf je van de honger. Maar zonder vrijheid en vrede smaakt brood niet.’ Ook al is Jean met pensioen, hij praat nog vol overgave over zijn werk. Je mag hem nog steeds om advies vragen, zodat zijn opgebouwde expertise benut blijft.

Ossenstaart met fufu

Het is tijd om aan tafel te gaan. Dochter Tania en haar vriend schuiven mee aan. Ook Miranda Rijks die de redactie van uitgekamd tipte over het interview (waarvoor dank) is uitgenodigd. In het gesprek dat volgt, worden heel andere facetten van Jeans leven belicht: het belang van familiebanden en het respect voor de rol van de moeder in de familie. Dochter Tania spreekt vlot Nederlands zonder enig accent. ‘Ja, daar stond ik op’, bevestigt Jean. ‘Het is een vorm van respect voor het land waar je woont. Zelf heb ik veertig jaar gewacht om de Belgische nationaliteit aan te vragen, omdat ik het Nederlands niet machtig was en vond dat ik eerst Nederlands moest kennen voor ik inging op de gastvrijheid van dit land.’

Het eten is overheerlijk. Als voorgerecht eten we avocado’s met scampi’s en als hoofdgerecht ossenstaart op een bedje van fufu met een peper-tomatenslaatje. Perfectie zit hem in het detail: de pepertjes kocht Jean op een markt in Afrika. Telkens als hij naar ginder reist, neemt hij een voorraad mee naar huis. Cuisine Mundial mag hem van mij op de gastlijst zetten voor een volgende editie.

 

Tekst: Karla Stoefs
Foto: Tine De Wilde
Uit: uitgekamd december 2019 - januari 2020